Happy New Year…

Geplaatst: 31 december 2018 in Uncategorized

Elke keer wanneer ik m’n jongens, m’n dochter of schoonzoon en schoondochter zie knuffel ik ze.

Niet omdat het zo hoort, maar omdat ik van ze hou en dat op deze manier wil laten merken.

Ik kan me niet heugen dat ik ooit door m’n moeder of (stief)vader ben geknuffeld. Het was iets dat niet gedaan werd, zeker niet in mijn familie, zeker niet in die tijd. Denk aan Drente, jaren 50, 60 en later. Toen dacht ik er niet bij na, het was gewoon zo. Later, toen ik verkering kreeg en een relatie en nog later toen ik kinderen kreeg, werd het anders.

Vanaf het moment dat m’n kinderen in m’n leven kwamen was ik tot over m’n oren verliefd op ze. Dat gold voor m’n oudste (stief)zoon die in m’n leven kwam toen hij 2 jaar was, maar zeker ook voor m’n dochter en zoon die we een aantal jaren later kregen. De liefde die je voelt wanneer je je kinderen voor het eerst in je armen neemt is met geen pen te beschrijven.

Ik hoop dat ik nog heel lang de kans heb om ze te knuffelen, ze in m’n armen te nemen en te laten merken dat ik van ze hou en dat ze ontzettend belangrijk zijn voor me, net als hun partners en m’n kleinkinderen.

En ik hoop dat jullie allemaal heel veel knuffels krijgen van, en ook uitdelen aan jullie kinderen, partners, geliefden en vrienden.

Ik wens jullie alle goeds voor 2019 en de jaren daarna.

Knuffel van mij.

Advertenties

Eigenlijk ben ik een simpele lul, blij met kleine dingen. Ik verheug me b.v. op het samenzijn op kerstavond met (bijna al) m’n kinderen en kleinkinderen en de moeder van m’n kinderen. Dat zijn gezellige avonden met een prima sfeer, vol rommelig gedoe van cadeautjes uitpakken en zo.

En daarna verheug ik me op de twee kerstdagen. Niet vanwege de betekenis die er door religies aan gehangen is, want dat interesseert me helemaal niks. Wel vanwege het twee dagen vrij zijn en niks moeten. Ik maak geen afspraken op die dagen, plan geen bezoeken en hou me eigenlijk alleen maar bezig met lezen, muziek luisteren en stoeien met speellijstjes, lekker eten maken (en opeten natuurlijk) en drinken  en vooral uitrusten. Dat vooral. Dat wil overigens niet zeggen dat er geen mensen welkom zijn, integendeel. De deur staat altijd open voor m’n familie en m’n intieme vrienden en daar is ook altijd drank en voedsel voor in huis. Ik heb m’n drankjes al in huis, inclusief m’n traditionele kerstverwennerijtje. De meeste boodschappen heb ik ook al binnen, zodat ik alleen nog maar een paar kleine, verse dingen hoef te halen. Je bent planner en organisator, of je bent het niet!

M’n eten is bijna elke kerst hetzelfde; ik koop een mooie, doorregen varkensrollade of een kleine lamsbout en die breng ik zelf nog even mooi op smaak voordat ik hem aanbraad en daarna in de oven zet. Dit jaar gaat ie trouwens de slowcooker in, zodat ik de oven kan gebruiken voor m’n Roseval aardappeltjes met spekjes en uisnippers. De witlof en/of de paarse spruitjes gaan gewoon op het gas. En ik ben niet zo’n grote fan van amandelspijskerstoffeestbrood, dus ik bak zelf een heerlijk gemberbroodje met veel gember, vijgen, en vijgenjam en van speltbloem, want ik hou van de smaak van spelt.

Behoorlijk simpel dus, en al sinds jaar en dag min of meer hetzelfde. Ik ben niet zo van de grote feesten, de grote en uitgebreide, opgedirkte diners met nog grotere gezelschappen waar ik de helft niet van ken en ook nog een boel niet mag. Doe mij maar een klein gezelschap, bestaand uit vrienden en vriendinnen. Daar maak je mij blij mee. En m’n offspring en hun aanhang natuurlijk, da’s het allermooiste dat je als vader kunt wensen. Ik voel me altijd een soort van Pater Familias wanneer de hele meute verzameld is. 

Wat voor jaar het was? Een jaar van behoorlijke uitersten eigenlijk. Veel fysieke problemen gehad in het begin van het jaar, maar die zijn achter de rug en ik voel me beter dan ik in jaren heb gedaan. En natuurlijk draagt dat stoppen met roken in 2017 en het verliezen in de loop van dit jaar van 13 kilo overtollig gewicht daar enorm aan bij, maar het is niet alleen dat. Ik heb het gevoel dat er een knop, of meerdere, is omgedraaid in m’n hoofd en ik een totaal andere blik op de wereld heb gekregen. Ik sta weer open voor van alles en nog wat, geniet weer van concerten en bezoek ze ook weer graag, kijk weer om me heen en geniet van wat ik zie en tegenkom. 

Wat 2019 gaat brengen? Ik zie het wel, kan en wil me er niet druk over maken. Je kunt het niet sturen, anders dan door een goeie mindset, en dan nog maar voor een heel klein stukje. Ik laat alles op me afkomen, zeg op voorhand nergens nee tegen en hoop er het beste van. Niet alleen voor mezelf en m’n kinderen en kleinkinderen, maar zeker ook voor m’n vrienden en vriendinnen. 

Ik hou het simpel: allemaal een simpelweg goed en gezond 2019 gewenst.

Door de week moet ik naar m’n werk, want er moet brood op de plank komen. Ik doe dat over het algemeen met behoorlijk veel plezier, al wordt me het leven af en toe wel zuur gemaakt door allerlei oorzaken. Dus elke werkdag sta ik op, doe m’n ochtendritueel, pak m’n tasje met dingetjes en ga de deur uit. Niks bijzonders, want er zijn miljoenen mensen die dat elke dag doen. Niks bijzonders, zul je zeggen. Klopt! En waarschijnlijk gaat het merendeel van die miljoenen mensen op de automatische piloot de deur uit, aan het werk en weer naar huis. Ik meestal ook, maar ook vaak niet. Er zijn momenten dat ik me er toe moet zetten om de deur uit te gaan. Niet omdat ik me slecht voel of depressief ben, integendeel. Ik voel me dan prima, steek lekker in m’n vel en wil dat gevoel graag vasthouden en dat lukt me op die dagen slecht wanneer ik me onder de mensen moet begeven.

Nee, dat ligt niet aan hen, die mensen. Het ligt puur en alleen aan mezelf. Ik ben inmiddels zo gewend geraakt aan alleen zijn en wonen, dat ik me af en toe echt moet instellen op mensen om me heen. En zolang het m’n kinderen en kleinkinderen zijn, of het kleine aantal echt dierbare vrienden dat ik heb en waarvan een aantal niet eens weet dat ik ze tot die categorie reken, vind ik het heerlijk. Maar wanneer het mensen zijn waar ik niets of weinig mee heb, of alleen een min of meer zakelijke relatie, heb ik soms gewoon geen energie of te weinig sociaal gevoel om ze om me heen te hebben. Laat staan dat ze in m’n persoonlijke ruimte komen.

Soms fantaseer ik er ook nog wel eens over dat ik ooit weer een relatie krijg en hoe dat dan zal gaan in de loop van de tijd, met samen zijn, samen slapen, samen weekenden doorbrengen en op vakantie, misschien zelfs samen wonen….

Gelukkig weet ik uit ervaring dat dat in de praktijk enorm meevalt en bovendien is er op dit moment geen sprake van iets dergelijks, maar toch…

En stel dat ik gewoon single blijf en dan ook nog, over een jaar of drie, met pensioen “mag”…

Aan de ene kant lijkt me dat fantastisch. Niet realistisch, maar wel fantastisch!

Niet realistisch, omdat ik door slecht financieel management in de jaren dat ik zelfstandig ondernemer was, niet zo bar goed voor later heb gezorgd ( en failliet gaan en scheiden helpen ook niet echt), waardoor ik min of meer gedwongen ben om op z’n minst een paar dagen in de week door te blijven werken.

Fantastisch omdat ik dan, zonder met iemand rekening te hoeven houden, net zoveel met m’n muziekjes en andere hobby’s bezig kan zijn als ik wil, naar buiten kan gaan wanneer ik wil en mensen kan bezoeken of ontvangen wanneer ik wil…

Maar ik ken mezelf goed genoeg om te weten dat ik dan steeds verder in m’n schulp kruip, steeds minder buiten kom, steeds minder vrienden zal contacten en nog minder vaak zal opzoeken en nog vaker dan nu een excuus zal zoeken en vinden om de deur niet uit te gaan.

Het is een beetje alsof ik mezelf dan een beetje uitgum.

En dat beangstigt me af en toe best wel een beetje…

Todd Rundgren: Fade Away

 

Vrijdag 24 juli 2009 is de dag waarop m’n lief officieel overleed, nadat ze de maandag daarvoor een herseninfarct had gekregen. Gewoon thuis, toen ze de koffie wilde neerzetten op de salontafel. Op de dag dat ze haar dochter, die een maand in China was geweest, had opgehaald van Schiphol.

Ze stierf in hetzelfde ziekenhuis in Zwolle waar ooit, in 1985, m’n tweeling was geboren. Het ziekenhuis bestaat niet meer. Het is afgebroken en ik vind dat niet erg. Niet meer.

Die vrijdag was een bizarre dag. Ik had de dag ervoor in de dagelijkse email die ik stuurde, alle vrienden en familieleden die we erbij wilden hebben (en eentje die we wel moesten uitnodigen omdat we er niet onderuit konden) uitgenodigd om afscheid te komen nemen van haar. Niet dat ze er nog iets van zou merken, dat was echt niet zo, maar officieel was ze nog steeds niet dood. Er moest gewacht worden op het staken van de hersenactiviteit omdat ze orgaandonor was. En dat duurde langer dan gedacht.

Het was echt een bizarre dag. We hadden een hele grote familiekamer waar op een gegeven moment meer dan 25 mensen zaten om afscheid te nemen en om ons, haar zoon en dochter en mij, te steunen en in een enkel geval steun te krijgen van mij. Er waren broodjes en koffie, iemand had een grote pan macaroni meegenomen, als ik me dat goed herinner. Het was op momenten zelfs gezellig en er werden anekdotes verteld.

Om te voorkomen dat ik de moeder van m’n lief eruit zou schoppen, fungeerde m’n favo tante als bliksemafleider, zodat ik m’n aandacht kon geven aan de kinderen. Niet alleen die van haar, maar ook die van mij. En regelmatig even naar m’n lief kon lopen om te vertellen wat er zich allemaal afspeelde en om daarna even naar buiten te gaan.

Toen ze officieel dood werd verklaard, in het begin van de avond, ging er een enorm circus lopen van doktoren, verpleegkundigen, transplantatie-specialisten en werden we met lichte dwang verzocht om weg te gaan, waarop we van de meeste mensen afscheid namen.

We zijn naar huis gereden, een beetje in een waas. Een paar mensen gingen mee. Vriendinnen van m’n lief. We dronken wat. En nog wat. Wat moesten we anders! De realiteit zou de volgende morgen wel weer aan de deur rammelen. Nu wilden we er alleen maar van vluchten.

Het is negen jaar geleden dat m’n lief overleed….

Ik mis haar minder dan ik gedaan heb, maar nog steeds mis ik het leven met haar als mijn geliefde en steeds meer mis ik de liefde.

Hebben jullie dat ook wel eens? Dat je zo ongelooflijk moe bent van het geouwehoer tegen je aan, de welgemeende goede raad waar je geen flikker mee kunt en de emmers vol met dooddoeners die over je heen worden gestort en die in de gemiddelde uitgave van Linda en Plus Magazine niet zouden misstaan?

Ik kan er niks mee. Sterker nog, het irriteert me zo mateloos dat ik er pislink van word. Wat denken ze nou eigenlijk, dat ik met m’n 64 jaar de een of andere wereldvreemde snotneus ben zonder levenservaring? De shit die ik in m’n leven over me heen gehad heb, prive zowel als zakelijk, is genoeg voor een normaal iemand om 128 jaar mee te worden. En ik ben er altijd zelf weer uitgekomen, zonder hulp van anderen. Alleen af en toe een luisterend oor achteraf, om even van me af te lullen. Dat was het wel.

Maar zo langzamerhand begin ik zo enorm moe te worden van steeds maar weer knokken om overeind te blijven, om er te zijn voor anderen, om honderd procent te geven op m’n werk met nauwelijks waardering en een schijtsalaris dat net genoeg is om m’n lasten te betalen en af en toe wat extra’s…

Omdat elke keer wanneer er iets goeds op m’n pad komt, na weer eens een dosis doffe ellende, het weer van me weggenomen wordt.

Ik heb, nadat ik gestopt was met roken (18 oktober 2018 vlgs m’n longverpleegkundige) 5 maanden gehad met niets anders dan lichamelijk ongerief; luchtweginfecties, twee keer een longontsteking, oververmoeidheid en m’n reguliere voorjaarsdip. Al was deze korter dan gewoonlijk, dus dat was dan een meevaller.

En nu is het juli, ben ik 64 jaar oud geworden in goede (nou ja) gezondheid volgens de laatste onderzoeken en zou ik eigenlijk niks te klagen moeten hebben.

En toch ben ik hondsmoe, sick of it all en wil ik me het liefst opsluiten in m’n huis, de (virtuele) gordijnen dichtdoen en alleen maar bezig zijn met m’n muziekjes en m’n boeken. Dat is namelijk zo ongeveer het enige waar ik nog een bepaalde mate van plezier uit put.

Hier komt nog wel een vervolg op. Ik ga dat nu niet meer opschrijven, want ik word alleen maar bozer.

Ik ga nog even bezig met andere dingen en verheug me op het bezoek van m’n twee jongens en m’n schoondochter, die komen eten vanwege m’n verjaardag.

Maar verder? Ik ben zo moe….en:

I AM FUCKING FED UP WITH IT!!!

Can’t You Hear Me Knocking?

 

Eigenlijk ben ik op een aantal terreinen een “Creature of Habits”, oftewel een gewoontedier. Niet dat het gewoontes zijn waar ik op zat te wachten, maar goed…

Ik ben er bijvoorbeeld aan gewend dat ik elk voorjaar een mentale dip krijg. Dat is al zolang ik me heugen kan (en mijn geheugen gaat heel ver terug) en heeft in de loop van m’n leven heel wat onbegrip en ruzies opgeleverd.

Ik ben namelijk niet zo goed in praten, zeker niet over wat me bezig houdt, dwars zit of problemen in m’n hoofd of lichaam veroorzaakt. En zeker niet op het moment dat het plaatsvindt.

Meestal doe ik dat pas wanneer het probleem, de dip, de klacht of het fysieke malheur weer achter de rug is en geen, of toch minstens veel minder, problemen meer veroorzaakt. En dan blijft het vaak beperkt tot de opmerking dat ik me even niet helemaal in m’n hum voelde maar dat alles weer okido is. “Je weet toch’…

Ik zat dan ook even raar te kijken toen ik deze blog weer eens opende en tot de ontdekking kwam dat het bijna een jaar geleden is dat ik iets geplaatst heb. Dat zou n.l. kunnen betekenen dat ik me het afgelopen jaar niet senang heb gevoeld. Niet alleen door een extreem lange voorjaarsdip of zo, maar misschien ook wel door fysiek malheur. En weet je wat? Dat blijkt nog te kloppen ook. Het is een zwaarder jaar geweest dan ik me realiseerde toen ik er in zat, zowel mentaal als fysiek.

Iedereen heeft een manier om met zijn of haar problemen om te gaan. De een loopt elke arts en hulpverlener plat in de hoop daar steun en genezing te vinden, de ander gaat met iedereen in gesprek over z’n problemen, de volgende raakt hysterisch en er zijn er, die in hun schulp kruipen en daar bij voorkeur niet meer uitkomen, tenzij het absoluut niet anders kan. Ik behoor dus tot die laatste categorie en geloof me, da’s echt niet prettig. Niet voor mezelf, maar ook niet voor hen die me dierbaar zijn en proberen om goed te doen voor me. Ik stoot ze af, sluit me af voor ze, ga ze uit de weg, zeg gemaakte afspraken af. Alles om te voorkomen dat ik praten moet. Ze hebben n.l. in de gaten dat er wat aan de hand is, dus ze vragen me ernaar. En ik wil alleen maar met rust gelaten worden om zelf met m’n shit te dealen. En als ik er voor mezelf uit ben, of wanneer het lichamelijk malheur weer goeddeels achter de rug is, dan horen ze wel wat van me. “Je weet toch”…

Maar hoe dan ook, ik heb weer eens wat over mezelf geschreven. Ik voel me geloof ik beter dan ik me in lange tijd gevoeld heb. Dus als je me nu vraagt hoe het gaat dan is het antwoord: Prima, dank je. “Je weet toch”…

Hoewel dat ook het antwoord is dat je krijgt wanneer ik me zwaar kut voel….

Damaged Soul

Is Paul McCartney nou wel doodgegaan en hebben we al decennia te maken met een dubbelganger, of….
De hele week aandacht voor P.I.D….

stymphatica

20050297_10155664677261042_517486307_o

Toen Bronja me vroeg voor de blogtour van haar nieuwe boek was ik zeer verbaasd. Ik heb geen grote blog of site waar duizenden lezers iedere week op lezen. Ik ben gewoon Nienke, niets meer en niets minder.

‘Je begrijpt mijn boeken,’ zei ze resoluut.

Ik was vereerd door het verzoek en heb “Ja” gezegd al bleef ik twijfelen. Begreep ik haar boeken wel?

Houden van haar boeken doe ik zeker. Ik las De Dode Kamer en De Skinner Methode niet alleen met veel plezier, maar ook met groeiende verbazing. Hoe doet ze dat toch?

Hoffschlag maakt van een complex plot een aangenaam leesbaar verhaal. Dit doet ze oa door in de huid van de hoofdpersoon te kruipen. Toch volg je niet de hoofdpersoon maar het verhaal. Als een deel van het verhaal vanuit een ander perspectief duidelijker of mooier is, volgt het verhaal dat personage.
De spelers lijken het…

View original post 704 woorden meer

Eerlijk gezegd had ik niet verwacht dat ik hem dit voorjaar weer zou krijgen, maar het is toch gebeurd. M’n voorjaarsdip is er weer. Niet zo heftig als de laatste jaren, gelukkig, maar toch…

De symptomen waren deze keer lang uitgebleven en veel minder hevig dan andere jaren, maar ongemerkt namen ze toch weer de overhand: kortaf tegen mensen, hekel aan massa’s (waarbij massa’s ook groepjes van meer dan 5 kunnen zijn), geen zin om de deur uit te gaan, afspraken afzeggen omdat ik er tegenop zie als een berg om “sociaal” te moeten zijn, willen slapen, slecht slapen, niet slapen…

Dat de symptomen veel minder heftig zijn dan vorige jaren heeft waarschijnlijk te maken met m’n verhuizing vorig jaar naar m’n huidige woonplaats en huis. De woonplaats interesseert me weinig tot niks, maar m’n huis voelt als een cocon. Zodra ik binnenkom omarmt het me als een geliefde en geeft het me de warmte die ik nodig heb, tegen de kilte die ik vaak voel wanneer ik in de buitenwereld verkeer. Zelfs in z’n huidige staat (want nog lang niet klaar en ingericht) voel ik me daar vrij en kan ik mezelf zijn.

Ik breng veel tijd door in m’n sanctuarium, het kleine kamertje naast m’n woonkamer dat ik vol heb gestouwd met m’n muziek- en boekenverzameling. Daar staat m’n computer, waarmee ik de contacten met de buitenwereld onderhoud. Niet met alles, niet met iedereen, maar met hen die me, om uiteenlopende redenen, dierbaar zijn. Daar plaats ik ook m’n posts op Twitter en/of Facebook en af en toe een foto op Instagram. Overwegend vrolijke, of op z’n minst positieve berichtjes en foto’s want hé, het gaat toch fantastisch? Tuurlijk joh!

Gelukkig duurt die dip nooit echt lang. Na een paar weken ben ik er wel weer doorheen en dan ben ik ook buiten weer dezelfde vrolijke, positieve gast die ik ben. Dan spreek ik weer graag af met vrienden, kom ik weer graag buiten, zoek spontaan gezelschap op en kan weer heerlijk dollen met m’n kleinkinderen. Nu ben ik allang blij wanneer ik een van m’n kinderen zie of spreek en ze me deelgenoot maken van een ontwikkeling of nieuwe fase in hun leven. En dan heb ik ook weer zin om verder te gaan met het nog mooier en prettiger maken van m’n huisje.

Tot die tijd dwing ik me om af en toe een afspraak te maken om met vrienden naar een concert of festival te gaan, even naar het dorp te lopen of te fietsen voor een ijsje of zo, of om even bij een vriend of vriendin aan te wippen om er een half uurtje of zo te kletsen en wat te drinken. Niet langer dan maximaal een uur, want dan ben ik kapot en MOET ik naar huis…Naar m’n cocon waar ik me prettig voel. Waar ik me kan afsluiten van de wereld…

Lekker bezig met m’n muziekjes en m’n boeken, want die trekken me er wel weer doorheen, m’n voorjaarsdip…

Nieuwjaarsgezever 3.0

Geplaatst: 31 december 2016 in Uncategorized

Na Kerstgezeik en Nieuwjaarsgezever en Kerstgezeik 2.0 en Nieuwjaarsgezever 2.0 The Sequel borduren we nog even voort op het thema met versie 3.0. Want er blijft altijd wel wat te zeveren, kijkend …

Bron: Nieuwjaarsgezever 3.0

War on Christmas

Geplaatst: 26 december 2016 in Uncategorized

Raak artikel over…
Ach, lees zelf maar.