Ooit, in een heel ver verleden, trouwde ik met de vrouw waarmee ik de rest van m’n leven gelukkig zou zijn. En zij met mij natuurlijk.

De rest van ons leven gelukkig? Nou, niet echt. Na vijf jaar gingen we uit elkaar. Nee, na vijf jaar gingen we officieel scheiden, nadat we feitelijk al meer dan een jaar alleen nog letterlijk samen waren.

Ruim een jaar later leerde ik de moeder van m’n kinderen kennen via de voorloper van de tegenwoordige datingsites, de contactadvertentie. Ik had de advertentie gelezen en het stuk van de krant waar hij instond een paar weken apart gelegd. Wel af en toe even gepakt om hem nog eens te lezen, maar telkens weer weggelegd. Tot ik voldoende moed bij elkaar gesprokkeld had om een brief te schrijven. Ik kreeg een brief terug, stuurde er weer een, kreeg er weer een terug, we wisselden telefoonnummers uit en hadden een tijd en een dag afgesproken waarop ik haar zou bellen. Dat gesprek duurde drie uur of zo. Lang verhaal kort samengevat; we woonden binnen zes weken samen in mijn huis in Zwolle, zouden gaan trouwen en de rest van ons leven gelukkig zijn met elkaar.

De rest van ons leven gelukkig? Nou, niet echt. Na bijna 25 jaar gingen we uit elkaar. Nee, na bijna 25 jaar gingen we officieel scheiden, nadat we feitelijk al jaren alleen nog letterlijk samen waren.

Ik durf best te bekennen dat een groot deel van het falen van m’n relaties bij mij lag. Ik zal niet uitweiden, maar neem maar van me aan dat het zo is. En anders vraag het maar aan de exen. Maar iedereen wordt ouder, milder en wijzer, zelfs ik.

En toen leerde ik m’n derde relatie kennen. Nee, niet mijn derde vrouw, al voelde het wel zo. Voordat we de kans kregen om te trouwen, omdat ze dat enorm graag wilde en omdat het de vrouw was waarmee ik de rest van m’n leven gelukkig zou zijn, overleed ze! Dat was een enorme klap voor iedereen en zeker ook voor mij!

Inmiddels is dat bijna tien jaar geleden en in die tijd is er enorm veel gebeurd in m’n leven. Ik durf eigenlijk wel te zeggen dat ik al enige tijd weer behoorlijk gelukkig ben en een goed leven heb. M’n werk is leuk, m’n huis ook, ik heb fijne vrienden en het belangrijkste van alles, m’n kinderen en kleinkinderen doen het fantastisch en ik heb een goeie relatie met de moeder van m’n kinderen en zelfs nog op onregelmatige tijden contact met m’n eerste ex. Prima dus, maar toch begint het een beetje te knagen…

Ik zou best wel weer een echte en serieuze relatie willen met iemand, een vrouw, waar ik dingen mee kan delen, waar ik mee kan vrijen en knuffelen, waar ik mee bank kan hangen om een film of serie te kijken of gewoon ieder in een hoekje een boek te lezen of naar muziek te luisteren, die af en toe mee wil naar een concert of festival, waar ik soms ruzie mee heb om het daarna weer goed te maken, die ook dingen met mij deelt en waar we allebei ook de ruimte houden om ons eigen ding te doen. Wat een wishlist he? Geen idee of het er ooit nog van komt, maar als het niet zo is heb ik nog steeds een goed leven. Als het wel zover komt, zou m’n goeie leven maar zo een extra dimensie krijgen. Dat zou wat zijn…

Samen, samen gelukkig zijn…

Advertenties

Trutschudder in de Croma

Geplaatst: 16 juni 2019 in Overpeinzingen, Uncategorized
Tags:

Ik heb een “nieuwe” auto aangeschaft. M’n ouwe trutschudder, een Fiat Idea, had ik 7 jaar geleden gekocht omdat ik de grote en dure auto die ik ooit had gekocht toen ik nog ondernemer was en het goed deed, niet meer kon betalen en ik inmiddels bezig was met parttime koerierswerk bij het bedrijf waar ik nu nog steeds werk en waar ik dus veel minder kilometers ging maken omdat ik in een busje van de zaak moest rijden. 
Het oude ding begon toch wel kosten te genereren en het rijden was tamelijk Spartaans, want weinig luxe, al ben ik ermee naar Engeland geweest en alles en had ik er zelf wel een paar dingen aan gedaan om m’n reistijd plezanter te maken. Ik kwam er trouwens pas achter dat ik hem alweer zeven jaar had toen ik de eigendomspapieren opzocht en dacht in eerste instantie dat er een fout was gemaakt, maar nee…
Ik wilde langzamerhand toch iets luxer, iets groter en iets jonger omdat ik zakelijk wat meer op pad moet. Ik doe dat bij voorkeur in m’n eigen auto, dat kun je je wel voorstellen, ook al omdat een echte leasebak er niet inzit voor die laatste paar jaar dat ik nog fulltime werk. En omdat ik van waar voor m’n geld ben ( zuunege knieperd, zeggen sommigen…) en niet hecht aan merken en dat soort ongein, was ik al een tijdje aan het kijken naar een Fiat Croma. Begin jaren 90 had ik ook een Croma en dat was toen de grootste auto die Fiat maakte, met standaard enorm veel luxe dingetjes. Begin jaren 2000 brachten ze een nieuwe uit die enorm slecht verkocht, maar waar werkelijk alles op en aan zat. Die auto’s zijn tweedehands dus bar weinig waard, kwalitatief heel goed en met veel snufjes en luxe. 
Ik kwam er eentje tegen bij een Opeldealer in Zuid-Holland, en ik nam contact op met de verkoopleider van de Opel-vestiging waar wij (het bedrijf waar ik in dienst ben) onze auto’s vandaan halen. (ik ben wagenparkbeheerder, o.a.) Wellicht kon hij wat voor me betekenen, je weet het nooit.
Ik kreeg toen niet de deal die ik wilde, dus had het uit m’n hoofd gezet, tot ik afgelopen dinsdag weer eens keek en dezelfde auto nog steeds te koop zag staan. 
Dus heb ik weer contact opgenomen en een krankzinnig scherp aanbod gedaan, waar we een paar dagen over aan het “bakkeleien” zijn geweest en afgelopen vrijdag hebben we de deal rondgemaakt. Ik ga volgende week zaterdag een auto ophalen waar ik nog nooit in gereden heb, die ik nog nooit IRL heb gezien en waar ik toch een beetje verliefd op ben. 
Dus ik ben een deel van het weekend bezig geweest met het uitzoeken van een paar dingen en accessoires die ik nog wil hebben, zodat ik m’n iPhone kan koppelen aan de installatie om m’n muziek te streamen en als navigatie te kunnen gebruiken en bovendien hands-free te kunnen bellen. Klein prijsje, groot plezier en veel extra veiligheid. En dat laat ik dan weer installeren door een andere leverancier van me. 
Waar kan een vent druk mee zijn he? En dat allemaal naast de wekelijkse boodschappen en een beetje huishouden, want ook dat blijft gewoon doorgaan.
https://www.youtube.com/watch?v=GYiMXDIL0pY

Happy New Year…

Geplaatst: 31 december 2018 in Uncategorized

Elke keer wanneer ik m’n jongens, m’n dochter of schoonzoon en schoondochter zie knuffel ik ze.

Niet omdat het zo hoort, maar omdat ik van ze hou en dat op deze manier wil laten merken.

Ik kan me niet heugen dat ik ooit door m’n moeder of (stief)vader ben geknuffeld. Het was iets dat niet gedaan werd, zeker niet in mijn familie, zeker niet in die tijd. Denk aan Drente, jaren 50, 60 en later. Toen dacht ik er niet bij na, het was gewoon zo. Later, toen ik verkering kreeg en een relatie en nog later toen ik kinderen kreeg, werd het anders.

Vanaf het moment dat m’n kinderen in m’n leven kwamen was ik tot over m’n oren verliefd op ze. Dat gold voor m’n oudste (stief)zoon die in m’n leven kwam toen hij 2 jaar was, maar zeker ook voor m’n dochter en zoon die we een aantal jaren later kregen. De liefde die je voelt wanneer je je kinderen voor het eerst in je armen neemt is met geen pen te beschrijven.

Ik hoop dat ik nog heel lang de kans heb om ze te knuffelen, ze in m’n armen te nemen en te laten merken dat ik van ze hou en dat ze ontzettend belangrijk zijn voor me, net als hun partners en m’n kleinkinderen.

En ik hoop dat jullie allemaal heel veel knuffels krijgen van, en ook uitdelen aan jullie kinderen, partners, geliefden en vrienden.

Ik wens jullie alle goeds voor 2019 en de jaren daarna.

Knuffel van mij.

Eigenlijk ben ik een simpele lul, blij met kleine dingen. Ik verheug me b.v. op het samenzijn op kerstavond met (bijna al) m’n kinderen en kleinkinderen en de moeder van m’n kinderen. Dat zijn gezellige avonden met een prima sfeer, vol rommelig gedoe van cadeautjes uitpakken en zo.

En daarna verheug ik me op de twee kerstdagen. Niet vanwege de betekenis die er door religies aan gehangen is, want dat interesseert me helemaal niks. Wel vanwege het twee dagen vrij zijn en niks moeten. Ik maak geen afspraken op die dagen, plan geen bezoeken en hou me eigenlijk alleen maar bezig met lezen, muziek luisteren en stoeien met speellijstjes, lekker eten maken (en opeten natuurlijk) en drinken  en vooral uitrusten. Dat vooral. Dat wil overigens niet zeggen dat er geen mensen welkom zijn, integendeel. De deur staat altijd open voor m’n familie en m’n intieme vrienden en daar is ook altijd drank en voedsel voor in huis. Ik heb m’n drankjes al in huis, inclusief m’n traditionele kerstverwennerijtje. De meeste boodschappen heb ik ook al binnen, zodat ik alleen nog maar een paar kleine, verse dingen hoef te halen. Je bent planner en organisator, of je bent het niet!

M’n eten is bijna elke kerst hetzelfde; ik koop een mooie, doorregen varkensrollade of een kleine lamsbout en die breng ik zelf nog even mooi op smaak voordat ik hem aanbraad en daarna in de oven zet. Dit jaar gaat ie trouwens de slowcooker in, zodat ik de oven kan gebruiken voor m’n Roseval aardappeltjes met spekjes en uisnippers. De witlof en/of de paarse spruitjes gaan gewoon op het gas. En ik ben niet zo’n grote fan van amandelspijskerstoffeestbrood, dus ik bak zelf een heerlijk gemberbroodje met veel gember, vijgen, en vijgenjam en van speltbloem, want ik hou van de smaak van spelt.

Behoorlijk simpel dus, en al sinds jaar en dag min of meer hetzelfde. Ik ben niet zo van de grote feesten, de grote en uitgebreide, opgedirkte diners met nog grotere gezelschappen waar ik de helft niet van ken en ook nog een boel niet mag. Doe mij maar een klein gezelschap, bestaand uit vrienden en vriendinnen. Daar maak je mij blij mee. En m’n offspring en hun aanhang natuurlijk, da’s het allermooiste dat je als vader kunt wensen. Ik voel me altijd een soort van Pater Familias wanneer de hele meute verzameld is. 

Wat voor jaar het was? Een jaar van behoorlijke uitersten eigenlijk. Veel fysieke problemen gehad in het begin van het jaar, maar die zijn achter de rug en ik voel me beter dan ik in jaren heb gedaan. En natuurlijk draagt dat stoppen met roken in 2017 en het verliezen in de loop van dit jaar van 13 kilo overtollig gewicht daar enorm aan bij, maar het is niet alleen dat. Ik heb het gevoel dat er een knop, of meerdere, is omgedraaid in m’n hoofd en ik een totaal andere blik op de wereld heb gekregen. Ik sta weer open voor van alles en nog wat, geniet weer van concerten en bezoek ze ook weer graag, kijk weer om me heen en geniet van wat ik zie en tegenkom. 

Wat 2019 gaat brengen? Ik zie het wel, kan en wil me er niet druk over maken. Je kunt het niet sturen, anders dan door een goeie mindset, en dan nog maar voor een heel klein stukje. Ik laat alles op me afkomen, zeg op voorhand nergens nee tegen en hoop er het beste van. Niet alleen voor mezelf en m’n kinderen en kleinkinderen, maar zeker ook voor m’n vrienden en vriendinnen. 

Ik hou het simpel: allemaal een simpelweg goed en gezond 2019 gewenst.

Door de week moet ik naar m’n werk, want er moet brood op de plank komen. Ik doe dat over het algemeen met behoorlijk veel plezier, al wordt me het leven af en toe wel zuur gemaakt door allerlei oorzaken. Dus elke werkdag sta ik op, doe m’n ochtendritueel, pak m’n tasje met dingetjes en ga de deur uit. Niks bijzonders, want er zijn miljoenen mensen die dat elke dag doen. Niks bijzonders, zul je zeggen. Klopt! En waarschijnlijk gaat het merendeel van die miljoenen mensen op de automatische piloot de deur uit, aan het werk en weer naar huis. Ik meestal ook, maar ook vaak niet. Er zijn momenten dat ik me er toe moet zetten om de deur uit te gaan. Niet omdat ik me slecht voel of depressief ben, integendeel. Ik voel me dan prima, steek lekker in m’n vel en wil dat gevoel graag vasthouden en dat lukt me op die dagen slecht wanneer ik me onder de mensen moet begeven.

Nee, dat ligt niet aan hen, die mensen. Het ligt puur en alleen aan mezelf. Ik ben inmiddels zo gewend geraakt aan alleen zijn en wonen, dat ik me af en toe echt moet instellen op mensen om me heen. En zolang het m’n kinderen en kleinkinderen zijn, of het kleine aantal echt dierbare vrienden dat ik heb en waarvan een aantal niet eens weet dat ik ze tot die categorie reken, vind ik het heerlijk. Maar wanneer het mensen zijn waar ik niets of weinig mee heb, of alleen een min of meer zakelijke relatie, heb ik soms gewoon geen energie of te weinig sociaal gevoel om ze om me heen te hebben. Laat staan dat ze in m’n persoonlijke ruimte komen.

Soms fantaseer ik er ook nog wel eens over dat ik ooit weer een relatie krijg en hoe dat dan zal gaan in de loop van de tijd, met samen zijn, samen slapen, samen weekenden doorbrengen en op vakantie, misschien zelfs samen wonen….

Gelukkig weet ik uit ervaring dat dat in de praktijk enorm meevalt en bovendien is er op dit moment geen sprake van iets dergelijks, maar toch…

En stel dat ik gewoon single blijf en dan ook nog, over een jaar of drie, met pensioen “mag”…

Aan de ene kant lijkt me dat fantastisch. Niet realistisch, maar wel fantastisch!

Niet realistisch, omdat ik door slecht financieel management in de jaren dat ik zelfstandig ondernemer was, niet zo bar goed voor later heb gezorgd ( en failliet gaan en scheiden helpen ook niet echt), waardoor ik min of meer gedwongen ben om op z’n minst een paar dagen in de week door te blijven werken.

Fantastisch omdat ik dan, zonder met iemand rekening te hoeven houden, net zoveel met m’n muziekjes en andere hobby’s bezig kan zijn als ik wil, naar buiten kan gaan wanneer ik wil en mensen kan bezoeken of ontvangen wanneer ik wil…

Maar ik ken mezelf goed genoeg om te weten dat ik dan steeds verder in m’n schulp kruip, steeds minder buiten kom, steeds minder vrienden zal contacten en nog minder vaak zal opzoeken en nog vaker dan nu een excuus zal zoeken en vinden om de deur niet uit te gaan.

Het is een beetje alsof ik mezelf dan een beetje uitgum.

En dat beangstigt me af en toe best wel een beetje…

Todd Rundgren: Fade Away

 

Vrijdag 24 juli 2009 is de dag waarop m’n lief officieel overleed, nadat ze de maandag daarvoor een herseninfarct had gekregen. Gewoon thuis, toen ze de koffie wilde neerzetten op de salontafel. Op de dag dat ze haar dochter, die een maand in China was geweest, had opgehaald van Schiphol.

Ze stierf in hetzelfde ziekenhuis in Zwolle waar ooit, in 1985, m’n tweeling was geboren. Het ziekenhuis bestaat niet meer. Het is afgebroken en ik vind dat niet erg. Niet meer.

Die vrijdag was een bizarre dag. Ik had de dag ervoor in de dagelijkse email die ik stuurde, alle vrienden en familieleden die we erbij wilden hebben (en eentje die we wel moesten uitnodigen omdat we er niet onderuit konden) uitgenodigd om afscheid te komen nemen van haar. Niet dat ze er nog iets van zou merken, dat was echt niet zo, maar officieel was ze nog steeds niet dood. Er moest gewacht worden op het staken van de hersenactiviteit omdat ze orgaandonor was. En dat duurde langer dan gedacht.

Het was echt een bizarre dag. We hadden een hele grote familiekamer waar op een gegeven moment meer dan 25 mensen zaten om afscheid te nemen en om ons, haar zoon en dochter en mij, te steunen en in een enkel geval steun te krijgen van mij. Er waren broodjes en koffie, iemand had een grote pan macaroni meegenomen, als ik me dat goed herinner. Het was op momenten zelfs gezellig en er werden anekdotes verteld.

Om te voorkomen dat ik de moeder van m’n lief eruit zou schoppen, fungeerde m’n favo tante als bliksemafleider, zodat ik m’n aandacht kon geven aan de kinderen. Niet alleen die van haar, maar ook die van mij. En regelmatig even naar m’n lief kon lopen om te vertellen wat er zich allemaal afspeelde en om daarna even naar buiten te gaan.

Toen ze officieel dood werd verklaard, in het begin van de avond, ging er een enorm circus lopen van doktoren, verpleegkundigen, transplantatie-specialisten en werden we met lichte dwang verzocht om weg te gaan, waarop we van de meeste mensen afscheid namen.

We zijn naar huis gereden, een beetje in een waas. Een paar mensen gingen mee. Vriendinnen van m’n lief. We dronken wat. En nog wat. Wat moesten we anders! De realiteit zou de volgende morgen wel weer aan de deur rammelen. Nu wilden we er alleen maar van vluchten.

Het is negen jaar geleden dat m’n lief overleed….

Ik mis haar minder dan ik gedaan heb, maar nog steeds mis ik het leven met haar als mijn geliefde en steeds meer mis ik de liefde.

Hebben jullie dat ook wel eens? Dat je zo ongelooflijk moe bent van het geouwehoer tegen je aan, de welgemeende goede raad waar je geen flikker mee kunt en de emmers vol met dooddoeners die over je heen worden gestort en die in de gemiddelde uitgave van Linda en Plus Magazine niet zouden misstaan?

Ik kan er niks mee. Sterker nog, het irriteert me zo mateloos dat ik er pislink van word. Wat denken ze nou eigenlijk, dat ik met m’n 64 jaar de een of andere wereldvreemde snotneus ben zonder levenservaring? De shit die ik in m’n leven over me heen gehad heb, prive zowel als zakelijk, is genoeg voor een normaal iemand om 128 jaar mee te worden. En ik ben er altijd zelf weer uitgekomen, zonder hulp van anderen. Alleen af en toe een luisterend oor achteraf, om even van me af te lullen. Dat was het wel.

Maar zo langzamerhand begin ik zo enorm moe te worden van steeds maar weer knokken om overeind te blijven, om er te zijn voor anderen, om honderd procent te geven op m’n werk met nauwelijks waardering en een schijtsalaris dat net genoeg is om m’n lasten te betalen en af en toe wat extra’s…

Omdat elke keer wanneer er iets goeds op m’n pad komt, na weer eens een dosis doffe ellende, het weer van me weggenomen wordt.

Ik heb, nadat ik gestopt was met roken (18 oktober 2018 vlgs m’n longverpleegkundige) 5 maanden gehad met niets anders dan lichamelijk ongerief; luchtweginfecties, twee keer een longontsteking, oververmoeidheid en m’n reguliere voorjaarsdip. Al was deze korter dan gewoonlijk, dus dat was dan een meevaller.

En nu is het juli, ben ik 64 jaar oud geworden in goede (nou ja) gezondheid volgens de laatste onderzoeken en zou ik eigenlijk niks te klagen moeten hebben.

En toch ben ik hondsmoe, sick of it all en wil ik me het liefst opsluiten in m’n huis, de (virtuele) gordijnen dichtdoen en alleen maar bezig zijn met m’n muziekjes en m’n boeken. Dat is namelijk zo ongeveer het enige waar ik nog een bepaalde mate van plezier uit put.

Hier komt nog wel een vervolg op. Ik ga dat nu niet meer opschrijven, want ik word alleen maar bozer.

Ik ga nog even bezig met andere dingen en verheug me op het bezoek van m’n twee jongens en m’n schoondochter, die komen eten vanwege m’n verjaardag.

Maar verder? Ik ben zo moe….en:

I AM FUCKING FED UP WITH IT!!!

Can’t You Hear Me Knocking?

 

Home is where the Heart is

Geplaatst: 21 april 2019 in Uncategorized

Dit blog heb ik oorspronkelijk geplaatst op 24 maart, nauwelijks meer dan een maand geleden. En zelfs in een maand kan je gevoel zo sterk doorgroeien naar een bepaalde kant dat je behoefte hebt om je verhaal aan te passen. Ik ga dat niet doen, want op zich klopt het verhaal nog steeds. Alleen schijn ik dit jaar m’n voorjaarsdip niet te krijgen en da’s nieuw. Die is namelijk bijna 10 jaar m’n rots in de branding geweest. de vaste waarde waar ik op kon bouwen. Mis ik hem ? Like fuck mis ik hem! Als een boer met kiespijn mis ik hem. Het gaat gewoon lekker met me op het ogenblik en het is ontzettend lang geleden dat ik me zo goed voelde. ik wil dat graag zo houden…

Bert Blogt Ook

Ik ben sinds m’n scheiding in 2006 een aantal malen verhuisd. Dat gebeurt, daar is geen ontkomen aan en is op zich niet erg. Maar wat wel belangrijk is, is dat je uiteindelijk op een plaats terechtkomt waar je je thuis voelt.

Langzamerhand heb ik het gevoel dat dit weer gebeurd is, dat ik thuis ben in m’n appartementje in Ermelo. De laatste keer dat ik het gevoel heb dat ik nu sinds kort weer heb, was toen ik samenwoonde met m’n lief, inmiddels alweer bijna tien jaar geleden en geheel onverwacht weggerukt uit m’n leven.

Ik heb enorm veel tijd nodig gehad om m’n leven weer op de rit te krijgen en het heeft me enorm veel gekost, in elk opzicht. Maar sinds kort heb ik zin om werk te verrichten in m’n huisje om het naar mijn zin te krijgen.

Toen ik het een paar jaar geleden toegewezen…

View original post 296 woorden meer

Home is where the Heart is

Geplaatst: 24 maart 2019 in Uncategorized

Ik ben sinds m’n scheiding in 2006 een aantal malen verhuisd. Dat gebeurt, daar is geen ontkomen aan en is op zich niet erg. Maar wat wel belangrijk is, is dat je uiteindelijk op een plaats terechtkomt waar je je thuis voelt.

Langzamerhand heb ik het gevoel dat dit weer gebeurd is, dat ik thuis ben in m’n appartementje in Ermelo. De laatste keer dat ik het gevoel heb dat ik nu sinds kort weer heb, was toen ik samenwoonde met m’n lief, inmiddels alweer bijna tien jaar geleden en geheel onverwacht weggerukt uit m’n leven.

Ik heb enorm veel tijd nodig gehad om m’n leven weer op de rit te krijgen en het heeft me enorm veel gekost, in elk opzicht. Maar sinds kort heb ik zin om werk te verrichten in m’n huisje om het naar mijn zin te krijgen.

Toen ik het een paar jaar geleden toegewezen kreeg, tamelijk onverwacht en heel snel nadat ik me had ingeschreven, was ik blij dat ik een nieuw dak boven m’n hoofd had en ik begon met hulp van een dierbaar familielid en een paar vrienden de boel op te frissen en in te richten en daarna met een aantal andere dierbare vrienden en m’n jongste zoon en z’n lief m’n hebben en houden te verhuizen.

Daarna dacht ik werkelijk dat ik alles weer voor elkaar had en dat ik een nieuw leven zou beginnen, tegelijkertijd m’n verleden een plek te kunnen geven en gewoon doorgaan. Logisch toch? Grote kerel, veel meegemaakt, overal goed uitgekomen, niks aan de hand, niet zeiken, doorgaan….

Man, wat kan een mens fouten maken!

Nee, ik had zeker niet de depressie die ik kreeg toen m’n vriendin was overleden. En da’s maar goed ook, want ik weet niet of ik dat nog een keer had kunnen doorstaan, maar ik heb wel enorm veel tijd nodig gehad om te wennen aan m’n nieuwe bestaan.

Nu? Ik voel me helemaal thuis in m’n huisje. ik doe de dingen waar ik me goed bij voel; bezig zijn met muziek, koken en bakken, contacten onderhouden met m’n kroost en een heel beperkt deel van m’n familie, m’n vrienden uiteraard, en ik heb allemaal ideeën om m’n Mancave helemaal naar m’n hand te zetten. Gaat best wel even duren, want er hangt overal een prijskaartje aan. Maar da’s geen probleem, want ik heb de tijd.

En als ik ooit tegen een nieuwe relatie aanloop en dat zou uiteindelijk betekenen dat ik zou verhuizen, dan zou ik met spijt afscheid nemen van m’n woonplek. En ik zou het alleen doen wanneer ik er voor de volle 100% van overtuigd was dat ik de juiste beslissing had genomen.

Eigenlijk ben ik op een aantal terreinen een “Creature of Habits”, oftewel een gewoontedier. Niet dat het gewoontes zijn waar ik op zat te wachten, maar goed…

Ik ben er bijvoorbeeld aan gewend dat ik elk voorjaar een mentale dip krijg. Dat is al zolang ik me heugen kan (en mijn geheugen gaat heel ver terug) en heeft in de loop van m’n leven heel wat onbegrip en ruzies opgeleverd.

Ik ben namelijk niet zo goed in praten, zeker niet over wat me bezig houdt, dwars zit of problemen in m’n hoofd of lichaam veroorzaakt. En zeker niet op het moment dat het plaatsvindt.

Meestal doe ik dat pas wanneer het probleem, de dip, de klacht of het fysieke malheur weer achter de rug is en geen, of toch minstens veel minder, problemen meer veroorzaakt. En dan blijft het vaak beperkt tot de opmerking dat ik me even niet helemaal in m’n hum voelde maar dat alles weer okido is. “Je weet toch’…

Ik zat dan ook even raar te kijken toen ik deze blog weer eens opende en tot de ontdekking kwam dat het bijna een jaar geleden is dat ik iets geplaatst heb. Dat zou n.l. kunnen betekenen dat ik me het afgelopen jaar niet senang heb gevoeld. Niet alleen door een extreem lange voorjaarsdip of zo, maar misschien ook wel door fysiek malheur. En weet je wat? Dat blijkt nog te kloppen ook. Het is een zwaarder jaar geweest dan ik me realiseerde toen ik er in zat, zowel mentaal als fysiek.

Iedereen heeft een manier om met zijn of haar problemen om te gaan. De een loopt elke arts en hulpverlener plat in de hoop daar steun en genezing te vinden, de ander gaat met iedereen in gesprek over z’n problemen, de volgende raakt hysterisch en er zijn er, die in hun schulp kruipen en daar bij voorkeur niet meer uitkomen, tenzij het absoluut niet anders kan. Ik behoor dus tot die laatste categorie en geloof me, da’s echt niet prettig. Niet voor mezelf, maar ook niet voor hen die me dierbaar zijn en proberen om goed te doen voor me. Ik stoot ze af, sluit me af voor ze, ga ze uit de weg, zeg gemaakte afspraken af. Alles om te voorkomen dat ik praten moet. Ze hebben n.l. in de gaten dat er wat aan de hand is, dus ze vragen me ernaar. En ik wil alleen maar met rust gelaten worden om zelf met m’n shit te dealen. En als ik er voor mezelf uit ben, of wanneer het lichamelijk malheur weer goeddeels achter de rug is, dan horen ze wel wat van me. “Je weet toch”…

Maar hoe dan ook, ik heb weer eens wat over mezelf geschreven. Ik voel me geloof ik beter dan ik me in lange tijd gevoeld heb. Dus als je me nu vraagt hoe het gaat dan is het antwoord: Prima, dank je. “Je weet toch”…

Hoewel dat ook het antwoord is dat je krijgt wanneer ik me zwaar kut voel….

Damaged Soul